De opname van vitaminen en mineralen is afhankelijk van de grootte en opneembaarheid, ook wel biobeschikbaarheid (of biologische beschikbaarheid) genoemd. Sowieso moeten alle “vaste” stoffen die wij als voeding tot ons nemen door het lichaam met behulp van de spijsvertering worden afgebroken om door het lichaam benut te kunnen worden. Traditionele voedingssupplementen worden geproduceerd bij intense hitte en druk, waarbij het eindproduct vaak nog bewerkt wordt met coatings of vulmiddelen. Door een dergelijk productieproces maar ook door verschillen in ”spijsverteringskracht” van gebruikers, kan het zijn dat de ingrediënten in het uiteindelijke product moeilijk door het lichaam kunnen worden afgebroken en opgenomen. Dit komt doordat deze stoffen niet in de vorm worden aanboden die het lichaam op dat moment nodig heeft. Het innemen van een stof, betekent niet altijd direct dat het ook wordt gebruikt of opgenomen. Neem als voorbeeld ijzer. Indien men ijzer inneemt in de vorm van roest, dan krijgt men wel ijzer binnen, maar niet in de vorm die biobeschikbaar is en waar het lichaam dus iets mee kan. Bekend is dat de opname van mineralen die wij binnen krijgen via de voeding of door inname van voedingssupplementen vaak beperkt is. Deze opname kan variëren, waarbij percentages van 4% tot 20% gangbaar zijn. De opname van mineralen kan ook nog worden beïnvloed door het veelvuldig gebruik van geraffineerd voedsel dat rijk is aan conserveringsmiddelen, of door het drinken van verzurende dranken zoals koffie en frisdrank, blootstelling aan een overmaat aan toxines maar ook het normale verouderingsproces kan daar een bijdrage aan leveren. Dit in acht genomen kan men bewust kiezen voor het gebruik van voedingssupplementen die de spijsvertering ontlasten en gemakkelijk opneembaar zijn. Geheel in water “opgeloste” mineralen die direct door het lichaam kunnen worden benut, lenen zich hier uitstekend voor omdat de mineralen aanwezig zijn in hun elementaire vorm geheel omhuld door water, ofwel 100% gehydrateerd. In deze vorm kunnen de mineralen zelfs direct door het mondslijmvlies in de bloedbaan worden opgenomen. De kunst in het oplosbaar maken van mineralen zit hem dus niet in het enkel “mengen” van de mineralen met water, het verschil in opneembaarheid wordt bepaald door de manier waarop de mineralen gebonden zijn aan andere stoffen in dit water. Een geïoniseerd elementair mineraal is vrijgemaakt uit zijn gebonden vorm en omhuld met water, waardoor het direct voor het lichaam beschikbaar is.